DE SABBAT - EEN HEILZAME LIST VAN DE SCHEPPER
OVER DE SPEELSE DISCIPLINE VAN DE VRIJHEID
OVERDENKING 19 oktober 2008 www.npboosttwente.nl
We lazen een van de grootste schatten uit de database van de universele wijsheid, Exodus 20 : 11, het vierde gebod, in de vertaling van André Chouraqui (1917- 2007). Chouraqui werd in joodse kring geboren in Algerije, groeide op in Frankrijk, verhuisde naar Israel, was adviseur van Ben Goerion en was vice-burgemeester van Jeruzalem.
Als medewerker van René Cassin was hij betrokken bij de formulering van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, die op 10 december van dit jaar 60 jaar oud is. André Chouraqui heeft zijn leven besteed aan de studie van de waarde voor joden, christenen en moslims van de tora. Hij vertaalde zelf de bijbelse boeken en de Koran, en schreef veel over de betekenis van de 10 geboden voor mensen in onze tijd.
"Blijf denken aan de dag van de sabbat
Door hem te heiligen
Zes dagen zul je
knecht zijn, en zul je arbeid doen
Maar de zevende dag
is er een van sabbat voor hem die wij de Gezegende Naam noemen
Je zult geen enkele
arbeid doen, jij en je zoon en je dochter,
Je knecht en je
slaven en je vee,
En de vreemdeling
die binnen je poorten is."
We leidden de
overdenking in door te luisteren naar het zegenlied dat aan het
begin van de sabbat, (bij zonsondergang in de dienst van de
synagoge) gezongen wordt:
Kiddush - gezongen
door Hans Bloemendal, voorzanger van de grote synagoge te
Amsterdam
"Gezegend zijt
Gij, schepper van het universum, schepper van de vrucht van de
wijnstok, u gelooft in ons en geeft ons uw Tora, de heilige
sabbat hebben wij van u ontvangen als erfenis, ter herinnering
aan de schepping; met die dag beginnen onze heilzame
ontmoetingen, waarop we ons herinneren hoezeer we een verslaafd
leven leefden."
Lieve vrienden,
Je zou kunnen zeggen
dat we in de loop der tijd begrip ontwikkeld hebben voor de
inhoud van de meeste bijbelse wetten, waarvan de tien geboden de
kern vormen: de betekenis van wetten zoals: gij zult niet
doodslaan, gij zult niet echtbreken, gij zult niet stelen, gij
zult geen valse getuigenis spreken, gij zult niet begeren wat van
een ander is, enz. enz. is groot, want van ethische en menselijke
betekenis. Die wetten vormen de basis voor het juiste handelen
van mensen.
Toch is het vierde
gebod: blijf denken aan de dag van de sabbat, een gebod dat
waarschijnlijk een meer gedetailleerde uitleg behoeft.
Je zou kunnen zeggen
dat de instelling van de sabbat misschien wel het centrale
gegeven is van de bijbelse en rabbijnse aanwijzingen, dat mensen
echt aan elkaar verbinden kan.
De grote profeten
hebben altijd gewezen op het grote belang van de sabbat voor de
mens, je zou kunnen zeggen dat de sabbat het meest markante
verschijnsel is van het joodse religieuze leven.
Het is niet
overdreven te zeggen dat de joodse gemeenschap in de wereld,
ondanks alle vervolging en vernedering die hen tweeduizend jaar
lang getroffen
heeft, alleen maar geestelijk en moreel heeft kunnen overleven door die ene dag in de week in ere te houden. Op die dag, de sabbat, was er volstrekte rust, er werd niets gedaan, het eten was de dag ervoor bereid, en het voorschrift was dat je zelfs niks dragen mocht, om aan te geven dat het centrale idee van jodendom de vrijheid is! Zó belangrijk, wanneer je alle andere dagen van de week in onvrijheid en in het zweet des aanschijns je werk moet doen.
Over de werking van
de sabbat bestaan veel verhalen. Het is bekend uit die oude
verhalen dat op de sabbat zelfs de armste en armzaligste jood in
een mens van waardigheid en trots veranderde, op die dag
veranderde een bedelaar in een koning. Bij het begrip koning
hoort een kroon!
Om dat te begrijpen
heb ik voor U allemaal een kastanje meegebracht. Daarmee heb ik U
een beeld in handen gegeven. De kastanje is van oudsher een
geheim attribuut geweest in de overdracht van de geloofstraditie,
van ouders op kinderen in joodse gezinnen. Ouders die hun
kinderen bemoedigden en eigenlijk zeiden: ondanks alles, wees
niet bang! Met name in de streken van het grote russische rijk
woonden voor de grote vernietiging van de 20e
eeuw veel joodse gemeenschappen, die onder de tsaren ook een vaak
onrustig leven leidden: speelbal als ze waren van de macht. Onder
leiding van wijze rabbijnen hielden ze stand. Die rabbijnen
heetten de chassidiem. Met name Martin Buber heeft de verhalen
over die chassidiem opgeschreven, en dat is maar goed ook, want
de Nazi-terreur heeft die sjtetls, die joodse dorpen, helemaal
weggevaagd. Wat een geluk, dat we die verhalen hebben!.
Moeders en vaders in
die joodse dorpen leerden hun kinderen met behulp van een
kastanje vertrouwen in hun bestaan te hebben. Ze gaven hun
kinderen een boodschap van hoop door. Ze zeiden: net zoals deze
kastanje zal uitgroeien tot een boom die met zijn kroon reikt
naar de hemel, en vrucht dragen zal, zo zal jouw leven, ook al is
het vaak moeilijk, eens bekroond worden. Houd daar aan vast,
luister naar de geboden die je geleerd worden, en word een
rechtvaardige zoals in psalm 1 te lezen is: "Welzalig is de
mens die niet meegaat in het beraad van bozen, op de weg van
zondaars niet blijft staan, op de zetel van protsers niet gaat
zitten. Nee, in de wet van de gezegende Naam heeft hij behagen,
die spelt hij, dag en nacht. Hij zal zijn als een boom, geplant
aan beken water die zijn vrucht geeft op zijn tijd, en zijn blad
valt niet af, al wat hij doet zal hem gelukken!"
De kastanje als
hoopvol beeld, ook voor onszelf, zo belangrijk in onze tijd
waarin het individuele leven zoveel kansen krijgt, maar dan ook
gevoed moet worden!
De dag van de sabbat
is daarbij een zeer goed voorbeeld van wat echte liturgie is, het
is een vorm die een dienst bewijst aan de mens, die rust en
ruimte nodig heeft om zich steeds weer af te vragen hoe het met
zijn eigen vrijheid gesteld is, en om zicht te krijgen op de
zaken die hem onvrij maken.
Op de dag van de
sabbat werd en wordt de bedelaar een koning, de sabbat is een dag
die de mens hoop en de kracht geeft om te leven naar het
perspectief van de bekroning van zijn of haar leven, en hem dus
bemoedigt om ondanks alles positief te blijven kijken naar zijn
eigen bestaan.
Nu is het zo dat
voor ons moderne mensen de instelling van de sabbat eigenlijk
helemaal geen probleem is. Het lijkt een vanzelfsprekende,
sociaal-hygienische maatregel, die bedoeld is om de mens de
lichamelijke en geestelijke ontspanning te geven die hij nodig
heeft om niet overspoeld te worden door zijn dagelijkse werk, en
om hem in staat te stellen zijn werk gedurende zes werkdagen
beter te doen. Toch geeft die vanzelfsprekendheid geen antwoord
op bepaalde vragen die opkomen als we beter kijken naar de wet
die zegt dat de mens de sabbat moet gedenken.
Als we de
symbolische betekenis van het sabbatsritueel bekijken, dan
ontdekken we dat we niet te maken hebben met een soort overdreven
regelzucht, maar met een opvatting over werk en rust, die afwijkt
van onze moderne denkbeelden op dat punt.
We leren door die
symbolische betekenis te achterhalen, in bijbelse termen en in
termen van de talmoed, dat is de verzameling met aanvullingen op
het Oude Testament die in de eerste eeuwen ontstaan is, dat het
begrip "Werk" beschouwd wordt als ieder ingrijpen van
de mens in de fysieke wereld, als ingrijpen in de natuur.
Rust is een toestand
die moet worden bereikt. Op sabbat moet de mens de natuur
onaangeroerd laten, dus niks opbouwen, en ook niks afbreken. De
natuur moet de natuur blijven. Als je sabbat houdt dan begrijp je
iets van de toestand van eenheid tussen mens en natuur. En niet
vergeten dat je zelf ook natuur bent, dus ook jijzelf moet
onaangeroerd blijven. Door niet te werken - dat wil zeggen door
niet deel te nemen aan het proces van natuurlijke en sociale
verandering; al het werk is immers werken aan verandering - wordt
de mens vrij van de ketenen van de tijd, ook al is het maar een
dag in de week.
Op de sabbat is de
mens niet langer als een dier dat vrijwel helemaal in beslag
wordt genomen door de strijd om het bestaan. Op sabbat is hij
volledig mens, met inderdaad geen andere taak dan inderdaad mens
te zijn. In de joodse traditie is niet het werk de hoogste
waarde, maar de rust, de toestand die geen andere bedoeling heeft
dan de mens de gelegenheid te geven mens te zijn!
Er is nog een ander
aspect aan dat ritueel van de sabbat. Oorspronkelijk zevende dag, de sjapatoe.
Hoort U de klankverwantschap? Maar in die namelijk was de sabbat
een babylonische babylonische samenleving was het een dag van
rouw en zelfkastijding. Het was een dag gewijd aan Saturnus, en
die was het symbool van de tijd. De god van de tijd en dus van de
dood. En we hoeven ons de trieste verhalen van de mensen die in
streng calvinistische kring zijn opgegroeid maar voor de geest te
halen dat de zondag voor velen een verschrikkelijke dag was,
waarop je niks mocht, het was een kwelling! Vergelijkbaar met die
oude babylonische visie, was het dus ook een dag van rouw en
zelfkastijding.
De joodse traditie
heeft de zevende dag, de dag van de rust van de schepper, een
tegenovergestelde betekenis gegeven: de mens, als beeld van god,
is niet aan tijd of dood onderworpen, zoals die oude babyloniers
geheel somber geloofden. Zij probeerden de heer van de tijd
gunstig te stemmen door zichzelf te kastijden, pijn te doen. De
bijbel doet een heel nieuwe poging: doordat het ingrijpen in de
natuur voor een dag gestaakt wordt, wordt de tijd uitgeschakeld.
In plaats van een dag waarop de mens zich neerbuigt voor de heer
van de tijd, en een onderworpen, slaafse houding aanneemt, is de
bijbelse sabbat het teken van de overwinning door de mens van de
tijd. Op die dag zegt de mens: L'chaim! Leve het leven! Het wordt
de dag van vreugde en plezier, van onbekommerd eten, drinken,
vreugde, liefdesspel, muziek, en het bestuderen van bijbelse
woorden.
Het is een dag van
omkering!
De mens wordt zich steeds opnieuw bewust van het appèl dat zegt: keer de druk die van buitenaf op je wordt gelegd, de rug toe! Keer droefheid de rug toe! Neerslachtigheid werkt verwoestend!
Gebruik een list, bedenk een list om je zelf blij te maken. Of zoals Annie Schmidt zegt: Doe wat je 't liefste doet, ja zuster, nee zuster, want daar knap je van op!
De sabbat nodigt uit
om na te denken wat je moet beoefenen om weer met jezelf samen te
vallen, om de druk van buiten de rug toe te keren en van binnenuit
te gaan leven.
Hier valt het begrip oefening. Zoals bijvoorbeeld de dichter Jan Eikelenboom het voor ons heeft beschreven:
Woordjes leren - Jan Eikelenboom
Jongens, heb
je verdriet,
sprak toen de leraar Grieks,
dan moet je woordjes leren, woordjes
leren. Hij knikte energiek
zodat er as viel op zijn vest,
maar dat was toch al vies
Wij lachten halfvertederd, halfmeewarig,
want tragiek daar wist je alles van
en hij, haast vijftig, niets.
En dat het overging, als je maar
woordjes leerde, dat was iets zo absurds,
zo dolkomieks dat het in omloop kwam als
een gevleugeld woord. Het
klapwiekt
nu
verdrietig om mij heen
omdat ik later woordjes leerde
waarmee je 't monster kunt bezweren
en ik hem niet meer zeggen kan
hoe ik soms naar die stem verlang
naar dat onhandige advies.
Onze eigen
schrijfster Anna Enquist heeft, wanneer ze vertelt over haar
nieuwe roman, met als titel "Contrapunt" ,waarin ze
zonder namen te noemen beschrijft wat het betekent als je een
kind verliest, aandacht gevraagd voor de discipline, de houding
van leerling-zijn zeg maar. Ze heeft voor de compositie van de
roman de 30 Goldberg-variaties van Bach genomen voor de structuur
van het verhaal, en ze heeft die muziekstukken zelf ook
ingestudeerd, en zo iets laten zien van de mogelijkheden om
geheel in harmonie met je eigen zo-zijn een gruwelijk verdriet te
verwerken.
Dat is het heiligen
van de sabbat: de mens valt weer met zichzelf samen, wordt weer
vrij van de overheersing van wat anderen zeggen, van wat je door
de tijd wordt aangedaan, de mens wordt vrij. Hij keert de
neerslachtigheid de rug toe. Hij ontdekt zijn echte ik, en gaat
dat gebruiken en dat ook voeden.
Het dagblad Trouw
heeft in samenwerking met anderen de maand november 2008
uitgeroepen de maand van de spiritualiteit. Het thema van de
maand van de spiritualiteit is "Mijn betere ik." In dat
kader las ik een gesprek met onze nationale rapper Ali B. Hij
zegt: "Ik heb ontdekt wat mijn betere ik is, ik noem het
eigenlijk liever mijn echte ik. Te veel nadenken over je
verleden, je toekomst, en je ego, dat is hoe je wilt overkomen op
anderen - dat brengt je nergens. Ik wil voor mijn geluk niet
langer afhankelijk zijn van externe dingen, zoals een hitje
scoren of rijkdom. Ik wil mijn eigen leven. Ik houd er van om
zieke kinderen te laten lachen. Maar het geeft pas voldoening en
een gevoel van nut en enthousiasme, als ik niets terugverwacht en
erover zwijg. Ik hoef er niet over te praten, wat ik allemaal
doe, ik heb gewoon mijn inspiratiebron, dat is de islam, en god,
dat is de machtige schepper!"
Hier spreekt een
mens die met zichzelf is samengevallen, hij is niet langer
ondergeschikt aan zijn ego, aan wat anderen over hem vinden, hij
is niet ondergeschikt aan de tijd, die maakt dat mensen zeggen:
opzij, opzij, opzij, ik heb zo'n vreselijke haast . De mens die
iets van de sabbatsgedachte begrijpt leert zichzelf te aanvaarden
zoals hij of zij is, en zal uitgroeien zoals een boom, die zijn
kroon draagt, hij zal zorgdragen voor zijn eigen geestelijke
voeding, en heel belangrijk, zulke mensen zijn niet langer slaaf
van de tijd en dwingelandij.
Als Jezus van
Nazareth wordt aangevallen door scherpslijpers( zoals de
evangelieschrijver Mattheus vertelt in zijn 12e
hoofdstuk : 1), wanneer hij door de korenvelden loopt en hij en
zijn discipelen een beetje lopen te snoepen van de aren, dan zegt
hij: de sabbat is er voor de mens hoor, en de mens is er niet
voor de sabbat. Ook hij geeft aan dat de sabbat de ruimte is voor
de mens waarin hij helen kan, onaangetast, van de sabbat knap je
helemaal op, zouden we nu zeggen.
De sabbat als dag waarop je jezelf vernieuwen kunt. Eenmaal
per week. Ook daar deed Jezus van Nazareth een uitspraak over:
Vernieuw je denken, mensen!
Daarom, ter
afsluiting, nog een sabbatslied uit de synagoge. Het heet:
Ki lekach Tov :
Mensen, ik, de Gezegende Naam, heb jullie de goede aanwijzing
gegeven, neem mijn wet in acht. De wet is te vergelijken met een
boom met vruchten, raap ze op. Een ieder die daarvan plukt wordt
gelukkig. De weg van de wet voert naar vreugde, en de paden die
je met die aanwijzingen volgt zijn vredespaden.
Keer je tot ons, eeuwige, en wij keren ons naar jou.
Vernieuw onze dagen zoals vanouds.
Amen.
Jeanne
Traas-Hageman, www.npboosttwente.nl, www.jeannetraashageman.eu